zenthros.io

Ik wilde weten of het nee kon zeggen.

Niet of het kon antwoorden. Dat kan alles.

Elk systeem dat op een taalmodel draait geeft antwoord. Dat is wat het doet. Vraag het iets waar het niets van weet en je krijgt nog steeds een antwoord — vloeiend, zelfverzekerd, en soms verzonnen. Het lastige is niet dat het fout is. Het lastige is dat fout er precies hetzelfde uitziet als goed.

Dus stelde ik mezelf een andere opgave. Niet: kan ik het slimmer maken. Maar: kan ik het leren zwijgen als het niets te zeggen heeft.

Wat er onderweg niet bleek te kloppen

Bijna alles wat ik dacht te weten over waarom iets niet werkte, was fout. Niet een beetje — helemaal.

Ik had drie problemen op mijn lijst staan, en bij alle drie stond de oorzaak erbij genoteerd. Ik had ze alle drie kunnen repareren zoals opgeschreven. Bij alle drie klopte die oorzaak niet. Eén van de drie ging over een pagina die niemand had gevraagd. Eén werd weerlegd door twee regels code te lezen. En bij de derde had ik aangenomen dat een kortere vraag ook een snellere vraag is — hij was de traagste van allemaal.

Dat is de les waar ik het meest aan heb gehad, en hij gaat niet over software: een probleem draagt vaak een verklaring met zich mee, en die verklaring veroudert sneller dan het probleem zelf. Iemand schreef hem op tijdens het symptoom, zonder tijd om hem te toetsen. Repareren volgens een verkeerde verklaring levert werk op dat niets oplost — en verbergt het echte gat.

Het ding dat me het langst bezighield

Om te toetsen of het systeem kon weigeren, gooide ik er onzin tegenaan. Willekeurige letters, zinnen zonder betekenis. Logisch, dacht ik: als het dáár nee op zegt, zegt het overal nee op waar het moet.

Precies andersom. Twee van de vijf onzinzinnen kregen stelselmatig gewoon een agent toegewezen. Terwijl nette Nederlandse zinnen die duidelijk buiten het bereik vielen — een vraag over netwerkbeheer, bijvoorbeeld — juist stabiel werden geweigerd.

Onzin is dus de slechtst denkbare manier om te meten of iets kan weigeren. Dat staat nu opgeschreven als bekende beperking, niet weggepoetst met een test die hem toevallig niet raakt.

Waarom het openbaar staat, en verder niets belooft

Dit is geen product. Er is geen wachtlijst, geen prijs en geen datum. Het is werk dat ik voor mezelf doe, en deze drie pagina's leggen uit wat het is — meer niet.

Achter de inlogpoort zit iets anders: een besloten omgeving voor mensen die ik daar persoonlijk voor uitnodig. Je kunt je daar niet voor aanmelden. Dat is geen exclusiviteit, het is een ontwerpkeuze — het scheelt een hele categorie problemen.

 hoofdstuk 3 van 3

Dat was het verhaal. Wil je zien wat het systeem doet, begin dan bij het begin.

Terug naar het begin